Geschiedenis

De Commissie voor Beentumoren werd in 1953 opgericht op initiatief van               dr. W. Meiss, orthopedisch chirurg en dr. R. Donner, chirurg, om advies te geven zowel op diagnostisch als op therapeutisch gebied over tumoren en op tumor lijkende processen van het skelet (steun- en bewegingsapparaat). In een brief d.d. 20 januari 1953 van dr. J. D. Bom, chirurg te ‘s-Gravenhage en R. Suurenbroek, chirurg te Goes worden de patholoog-anatomen dr. Th. G. van Rijssel, AVL Amsterdam en dr. H. H. Hadders, R.U. Groningen uitgenodigd om in deze commissie zitting te nemen.
“Nederlandsche Vereniging voor Heelkunde besloot om de vraagstukken, die samenhangen met diagnostiek en therapie der osteogene tumoren, centraal te bestuderen en daartoe werd een commissie, bestaande uit de drie hieronder genoemde collegae, ingesteld. Zonder de bestudering van het histologisch aspect dezer tumoren is een dergelijk onderzoek waardeloos en uit naam van het bestuur van de Nederlandsche Vereniging  voor Heelkunde doen de reeds aangewezen commissieleden het verzoek aan U in de commissie zitting te nemen.” 

Aanleiding was het feit dat gezwellen van het skelet betrekkelijk zelden voorkomen en dat zij een grote verscheidenheid van histologische beelden paren aan belangrijke verschillen in biologisch gedrag. Door de lage incidentie krijgt elke specialist slechts geringe ervaring. Door bundeling kon geleidelijk een groep specialisten ontstaan, mede door intensieve internationale contacten, die op grote ervaring in diagnostiek en behandeling konden bogen. In de loop van de tijd werd de samenstelling van de commissie uitgebreid met vertegenwoordigers van andere specialismen: interne geneeskunde (oncologie), kindergeneeskunde, neurochirurgie, radiologie en radiotherapie. Zij zijn benoemd na ruggespraak met de respectievelijke specialistenverenigingen en vervolgens door deze verenigingen gemandateerd.

Eerste samenkomst

De eerste samenkomst van de Commissie was op 13 mei 1953 in Hotel Terminus in Utrecht. Op de agenda stond onder andere de vraag of een proefexcisie/punctie bij ieder geval aan te raden was en/of bestraling hieraan vooraf dient te gaan. Ook het beleid bij Ewing sarcomen en osteosarcomen m.b.t. bestraling stond op de agenda. Bij een Ewing sarcoom is binnen 24 uur na bestraling het histologisch beeld veranderd en de discussie ontstond dan ook of een Ewing sarcoom alleen bestraald moet worden of ook geamputeerd? Ook bestraling bij goedaardige kraakbeentumoren met de kans op kwaadaardige progressie stond toen al op de agenda.    

> Bekijk: Eerste samenstelling van de Commissie voor Beentumoren

Voorafgaand aan de vergadering werden röntgenfoto’s en histologie coupes naar de leden rondgestuurd die op de vergadering zouden worden besproken. 
Vergaderingen vonden destijds plaats in Groningen, Utrecht, Den Haag en Leiden in de demonstratiezaal van de Pathologie met gebruik van microscopen en lichtkasten. Later wordt de lichtkast vervangen door projectie van de röntgenfoto’s. De histologische coupes worden tijdens de vergadering door de patholoog in opleiding geprojecteerd (schuiven).

Onderschrift: Commissie bijeen tijdens een van haar maandelijkse vergaderingen op de afdeling Pathologie in Leiden, gegroepeerd om “het kanon of de toverlantaarn zoals van Rijssel deze noemde, welke röntgenfoto’s kon projecteren. (Jaartal 1978)

Vergaderingen

In de eerste jaren werden maar enkele (4-5) vergaderingen per jaar gehouden. Vanaf 1957 vindt elke maand een vergadering plaats waarin alle aangemelde en complete (d.w.z. mét radiologie en mét histologie) casus, welke sinds de vorige vergadering zijn aangemeld, worden besproken. Al naar gelang de vraagstelling, wordt een diagnostisch oordeel en, indien daarom specifiek gevraagd, een therapeutisch advies gegeven. 

Over ingestuurde casus die geen uitstel kunnen gedogen, wordt tussendoor, na onderling overleg tussen een radioloog, patholoog en orthopedisch chirurg, (behandelings-)advies uitgebracht, vaak telefonisch naar de inzendend specialist. 
De laatste jaren komen ongeveer 30 nieuwe complete gevallen per vergadering ter sprake. Een verheugend verschijnsel is dat in de loop der tijd steeds vaker en voordat tot een biopsie/behandeling wordt overgegaan, het oordeel van de radioloog en orthopedisch chirurg wordt gevraagd over de waarschijnlijke diagnose van een afwijking, over de noodzaak van behandeling en, zo nodig, over de plaats én de wijze waarop een biopsie het beste genomen zou kunnen worden. Deze gevallen worden wekelijks beoordeeld. De beoordeling van deze gevallen is belangrijk omdat daarmee onnodige of verkeerde diagnostiek wordt voorkomen.
Tot nu is deze maandelijkse vergaderfrequentie nog steeds de huidige gang van zaken. 

Aanvankelijk begonnen de vergaderingen om 17.00 uur (met tussentijds een broodje en een kop soep) en werden zij gesloten rond 21.30-22.30 uur. Tegenwoordig wordt gestart om 16.00 en eindigt de zitting rond 19.30 uur. 

Archief

Vanaf het prille begin werd gestart met de aanleg van een archief (Leiden) van de gevallen welke in de Commissievergaderingen waren besproken. In elke 'map' met bijbehorend zgn. Beentumoren Archief nummer (BA-nr) werden klinische gegevens en röntgenafdrukken bewaard alsook het histologisch materiaal met bijbehorende verslagen, een beknopt verslag van de bespreking en zo mogelijk follow-up. Na de benoeming van Th. van Rijssel tot hoogleraar in Leiden in 1956 werd het secretariaat in Leiden gevestigd.

Al snel na de oprichting van de Commissie werd een begin gemaakt met casuïstiek te verzamelen uit het BA-archief resulterend in een eerste radiologische atlas “Radiological Atlas of Bone Tumours” Deze atlas “Maligne tumoren” uit 1966 was gebaseerd op 1569 volledige casus. De tweede atlas volgde in 1973 betreffende “Benigne tumoren”, waarvoor 2634 gevallen beschikbaar waren. De secretaresses en later de adjunct-secretarissen (radiologen in opleiding) notuleerden en maakten vervolgens een verslag van elke vergadering welke aan de zgn. BA-map wordt toegevoegd.

Op dit moment beschikt de Commissie over meer dan 30.000 compleet gedocumenteerde gevallen en is daarmee een der grootste archieven ter wereld. 

Organisatie

De voorzitter van de Commissie is tot nu altijd een patholoog (van Rijssel, van der Heul, Hogendoorn). De secretaris is meestal een radioloog (Donner (chirurg), Von Ronnen, Mulder, Kroon, Taminiau (orthopeed) en van Rijswijk). De secretaris geeft tevens leiding aan de secretaresses van de Commissie.

Met subsidie van het KWF (eerste bijdrage 2500 gulden in 1953) kon een ondersteunend secretariaat met 1-2 secretaresses worden “ingericht”. Vervolgens krijgt de Commissie financiering van het Ministerie van VWS via de VIKC (penningmeesters Noordijk, van de Berg, de Rooy). Het secretariaat werd in de loop van de jaren bemand door een of twee secretaresses die de correspondentie controleren, de klinische gegevens opvragen en verzamelen, de casus compleet maken voor de vergadering en de verslagen en brieven verzorgen. Ook wordt door hen zorggedragen voor de verwerking en archivering van het histologisch materiaal (paraffine blokjes, coupes).

> Bekijk: Lijst met alle leden en secretaresses van de Commissie voor Beentumoren

Diagnostiek en behandeling

De veranderingen zowel op verwerking van de histologie (moleculaire tumorgenetica), moleculaire celbiologie, als de ontwikkelingen op het gebied van de beeldvorming (planigrafie, Computer Tomografie (CT), Magnetic Resonance Imaging (MRI) hebben de specifieke kennis en diagnostiek van bot- en weke delen tumoren enorm beïnvloed. Door de opgedane kennis en de ontwikkelingen in histologische tumortypering, ontwikkeling in beeldvorming (MRI) en behandeling kwam in 1993 de herziene “Radiological Atlas of Bone Tumours” uit gebaseerd op meer dan 7000 gevallen. Leden van de Commissie hebben vaak zitting in Europese en mondiale richtlijncommissies dan wel in de Classificatie commissie van Beentumoren van de WHO. 

Veranderingen in de behandeling van deze tumoren met een belangrijke plaats voor ledemaat sparende chirurgische behandeltechnieken hebben de behoefte aan centrering van deze relatief zeldzame tumoren een boost gegeven. De intensieve gespecialiseerde, multidisciplinaire complexe diagnostiek en behandeling van bot- en weke delen tumoren vraagt vaak ingrijpende orthopedische expertise.  Dit heeft geleid in afstemming met het ministerie van VWS tot verregaande centralisatie bij bottumoren in vier (oncologisch/specialistische) centra (LUMC, Radboud UMC, Amsterdam UMC en UMCG) voor diagnostiek en behandeling, zoals beschreven in - de nationale VIKC-richtlijn voor diagnostiek en behandeling beentumoren, - rapport kwaliteit en taakverdeling in de oncologie van de Gezondheidsraad en - beleidsvoornemen van de Minister aan de Tweede Kamer. De noodzaak tot concentratie in hiertoe gespecialiseerde centra voor beentumoren is verwoord in vigerende CBO-richtlijn. Het Prinses Maxima Centrum Utrecht coördineert de chemotherapeutische behandeling van kinderen tot 18 jaar). In het verlengde hiervan zijn regionale afspraken gemaakt voor concentratie van diagnostiek en behandeling.

Proefschriften

Met behulp van het archiefmateriaal van de commissie hebben 49 proefschriften het licht gezien en zijn talloze voordrachten en publicaties verschenen. 

> Bekijk: Proefschriften mede gebaseerd op het archief van de Commissie voor Beentumoren

Jaarverslagen

Referenties

  • CBO-richtlijn Diagnostiek en Behandeling tumoren en op tumoren gelijkende afwijkingen van het skelet. 
  • Reglement Nederlandse Commissie voor Beentumoren 01 juni 2007
  • 1e Boerhaave cursus A multidisciplinary approach to the diagnosis of bone tumours op 1-3 juni 2015. Daarna twee-jaarlijks herhaald
  • “Radiological Atlas of Bone Tumours”.  Maligne tumoren in 1966, Library of Congress Catalog Card Number 67-12983
  • “Radiological Atlas of Bone Tumours”.  Benigne tumoren in 1973 
  • “Radiological Atlas of Bone Tumours”.  Herziene versie in 1993. ISBN 0-444-81293-8